sssst zaachtjesss

Started by johanj, 29 April 2014, 20:49:13

Previous topic - Next topic

0 Members and 1 Guest are viewing this topic.

johanj

Zacht spelen op mijn tenor, als ik me daarop concentreer, dan lukt dat wel redelijk.
Maar als ik even niet op let, dan scheur ik op mijn metalen Otto Link 7* of mijn metalen Vandoren 7* V16 toch weer het behang van de muren (allemaal emotie  ;D)
Van het weekend weer. De geluidsman had er moeite mee. Of het iets minder kon. Mmmm  :-\

Nou zoek ik al een tijdje naar een prettig klinkend klassiek mondstuk.
Wat minder scherpe randjes dan de Otto Link en de Vandoren.
Nou heb ik ook een oud selmer C* mondstuk, maar daar heb ik niet zo'n klik mee.

kan ik twee vliegen in één klap slaan. Een ander mondstuk in combinatie met een dunner riet misschien en daardoor wat begrenzen in het volume en toch een prettig klassiek geluid?
Iemand een suggestie?

Ik speel nu met Vandoren rieten V16 2.5.
T: YTS61s T-deco: Coeusnon 1899. Martin Committee III
A: Keilwerth Toneking -1961; 
S: yanagisawa s900;

KoenD

Een C* lijkt me ook wat klein, maar misschien is een Soloist een betere optie?

johanj

Ik heb me nooit zo in tipopeningen verdiept, maar dat zal wel wat uitmaken.
Die Selmer C is een Selmer s80 c* heeft een tipopening van 1,8mm.
Een otto link 7* heeft een tipopening van 2,54mm.
Dat scheelt natuurlijk.
Die Soloist is er ook in c* etc. Dus ik moet wel een andere tipopening kiezen.

Als ik zo hier en daar wat lees is eboniet in ieder geval wat beschaafder.
Ik twijfel wel of ik voor een kleinere tipopening moet kiezen.
T: YTS61s T-deco: Coeusnon 1899. Martin Committee III
A: Keilwerth Toneking -1961; 
S: yanagisawa s900;

drietenor

Probeer de rico graftonite mondstukken eens, ze geven een beschaafd geluid.
Oorspronkelijk ontworpen door Brilhart.
Laats een alt versie tweede hands gekocht voor 8 euro inclusief transport.
Nieuw zijn ze iets van 20 euro.
De saxofoon is gebaseerd op technologie van 1810

Coen

Eboniet is, ook al zullen er ongetwijfeld uitzonderingen zijn, zeker beschaafder.
Ik heb een halve dag staan testen toen ik een ander, meer scheurend mondstuk wilde, en de metalen Lebayle en Otto Link voldeden aan dat scheurende profile, en de ebonieten mondstukken die ik geprobeerd heb vielen als eerste af omdat ze beschaafder klonken.
Ik heb mijn Selmer C* nog, en zodra ik die er op zet klinkt het al beschaafder dan de OL. Dat is dan wel een 6*, maar dan nog denk ik dat eboniet in de meeste gevallen beschaafder klinkt.
Tenor Keilwerth Toneking (1937) met Otto Link STM 6* en Francois Louis Ultimate rietbinder en La Voz medium soft.
Alt Amati Kraslice Toneking (rond 1950) met Otto Link Tone Edge 6 en Vandoren Jazz ZZ 2.

drietenor

Een van de mondstukken die zowel in eboniet als in metaal in dezelfde vorm werden gemaakt is van Lawton. Ooit heb ik twee versies van de 6*b tenor getest. Daar zat zo weinig verschil in dat ik sindsdien het materiaal waarvan een mondstuk gemaakt is niet erg belangrijk vindt.
De saxofoon is gebaseerd op technologie van 1810

Daan

Quote from: drietenor on 30 April 2014, 22:35:23
Een van de mondstukken die zowel in eboniet als in metaal in dezelfde vorm werden gemaakt is van Lawton. Ooit heb ik twee versies van de 6*b tenor getest. Daar zat zo weinig verschil in dat ik sindsdien het materiaal waarvan een mondstuk gemaakt is niet erg belangrijk vindt.

Ben ik gelukkig niet de enige die zo denkt. Mensen zeggen vaak over metalen mondstukken dat het scheurijzers zijn. Tja, het lijkt erop dat de meeste mondstukken met een hoge drempel van metaal gemaakt zijn. Sommige vinden het vervelend om op metaal te spelen (zijn vaak wat smallere mondstukken), dan kunnen ze bv. kiezen voor een Jumbo Java. Maar die klinken natuurlijk niet netjes waar je juist op zoek naar bent.
Nou moet ik je eerlijk bekennen dat ik alleen het ebonieten mondstuk die bij mijn tenorsax zit heb voor klassiek, echter speel ik daar nooit op en heb ook geen ervaring met mondstukken die wat liever klinken voor de tenor :) . Misschien dat de Vandoren V5, Vandoren Java of een Meyer een goede keuze zijn. Gewoon weer even naar een winkel en lekker gaan toeteren. Je kan voor een kleinere tipopening kiezen, vraagt natuurlijk gelijk om een dikker/stugger riet waardoor je ook wat warmer zou klinken.
"Hij/zij die vraagt lijkt dom, hij/zij die niet vraagt blijft het."

Windbuil

De tip-opening alleen zegt niet alles over timbre, luidheid en speelgemak. Daar hoort ook de baanlengte bij betrokken te worden.
Berg Larsen bijvoorbeeld maakt mondstukken met de meest gebruikte baanlengte SMS, maar ook met baanlengte M.
Lees ook eens wat Marten Postma daarover heeft geschreven in http://sax.mpostma.nl/NL/
Mijn ervaring is dat veel massa (gewicht) meer luidheid oplevert. Er gaat minder energie verloren. Dat geldt niet alleen voor het mondstuk en de hals.
De wetenschap te ontdoen van romantiek is de romantiek van de wetenschap

Coen

Als massa (gewicht) meer luidheid oplevert snap ik wel dat m'n OL meer herrie maakt; hij is echt veel zwaarder dan mijn Selmer C*.
Aan de andere kant neem ik direct aan wat Drietenor zegt over de Lawtons, en ga ik er vor het gemak even van uit dat de metalen versie zwaarder is.
En dan weet ik het niet meer  ???
Tenor Keilwerth Toneking (1937) met Otto Link STM 6* en Francois Louis Ultimate rietbinder en La Voz medium soft.
Alt Amati Kraslice Toneking (rond 1950) met Otto Link Tone Edge 6 en Vandoren Jazz ZZ 2.

drietenor

Quote from: Coen on 01 May 2014, 20:50:56
En dan weet ik het niet meer  ???

Het mondstuk is een gebied waar het op spelen en (laten) luisteren aankomt.
Kleine vormvariaties geven al flinke verschillen in klank en volume.
Het aantal mogelijke variaties is zo groot dat voor een wetenschappelijk bewijs het aantal testen onpraktisch groot is.
Dus het niet zeker weten is een prima begin.

Er zijn een aantal metingen op geidealiseerde modellen die aangeven dat er een gebied is waar materiaaleigenschappen geen invloed hebben op de klank. Onduidelijk is hoe groot "geen invloed" is en
waar de grenzen liggen van dit "gebied" bij dunwandige buizen en sterk gebogen buizen.
Kortom, er zijn geen algemeen wetenschappelijk geaccepteerde regels voor de invloed van materiaaleigenschappen van mondstukken.
Dat vormeigenschappen belangrijker zijn dan materiaaleigenschappen, daar zijn de meeste mensen het over eens.

Het gaat om spelen en luisteren, en daar maak je je keuzes mee over welk materiaal beter klinkt.

Plastic kan harder klinken dan metal.
Met een Dukoff Crystalite (plastic) van een paar gram kan ik veel harder spelen dan met een klassiek metalen Selmer mondstuk.
De rico metalite zijn van plastic, maar zijn gemaakt om als metaal te klinken, dus het niet meer snappen is prima.
De saxofoon is gebaseerd op technologie van 1810

Windbuil

Toongebied bepaalt in belangrijke mate of we geluid als luid ervaren.
Het schijnt dat trombone's meer volume produceren dan trompetten. Toch ervaren we het tegenovergestelde.
De wetenschap te ontdoen van romantiek is de romantiek van de wetenschap

drietenor

Even een lijstje.

Musical Noise

normal piano practice 60-70 dB
fortissimo singer 3 ft. away 70 dB
chamber music in small auditorium 75-85 dB
piano fortissimo 92-95 dB
violin 84-103 dB
cello 82-92 dB
oboe 90-94 dB
flute 85-111 dB
piccolo 95-112 dB
clarinet 92-103 dB
french horn 90-106 dB
trombone 85-114 dB
timpani & bass drum rolls 106 dB
average Walkman on 5/10 setting 94 dB
symphonic music peak 120-137 dB
amplified rock music at 4-6 ft. 120 dB
rock music peak 150 dB

Een trompet uit een andere lijst  komt op 134 dB, maar de meting is sterk afhankelijk van afstand.
In ieder geval kunnen veel instrumenten schade geven bij langdurige blootstelling.
Vandaar dat de meeste mensen op de voorste rij van een big band kaal zijn.
Achter mij zitten vaak zeven trombonisten (stageband Jong Holland), waarbij ik af en toe aan de troostende woorden van een dirigent moet denken: een saxofoon is erger dan tien trombones.
De saxofoon is gebaseerd op technologie van 1810

Zoot

Quote from: drietenor on 02 May 2014, 09:22:16
Vandaar dat de meeste mensen op de voorste rij van een big band kaal zijn.

is dat niet  ::) verplicht dan i.v.m de akoestiek en reflectie van het geluid? Hmmmm

the martin

Ik zit nog steeds goed in mijn haar hoor 8)

Pieter

De  3 "reguliere" saxen, ATB,  hebben allen hun eigen specifieke moeilijkheid. Een bariton heeft zijn luchtvolume, bij een alt is dat de stemming en bij een tenor het geluidsvolume. Dat zijn dingen die op elke sax een rol spelen maar genoemde zaken zijn bij de genoemde saxen moeilijker dan bij de andere. Sopraan kun je niet in dit rijtje plaatsen omdat die sax in alles vele malen moeilijker is, dan de overige saxen.

Wat betreft het geluidsvolume van een tenor...daar helpt eigenlijk maar één ding tegen wanneer je het zoekt in materiaal en dat is een sax met een klein geluid uitzoeken. Speel je dus veel kamermuziek, dan heb je een klein klinkende sax nodig. En in dat geval een klassiek mondstuk.

Het soort materiaal wat je gebruikt blijft echter niets meer dan hulpmiddelen. Het vereist vooral blaastechniek. Wanneer je heel goed zacht kunt spelen, kost je dat vaak meer spierkracht dan wanneer je full power blaast.
Het mooiste van saxofoon spelen is de gelegenheid die je hebt gekregen om saxofoon te leren spelen.